Ars amatoria - Ovidius
De Ars Amatoria (Latijn voor "De kunst van de liefde") of de Ars Amandi (Latijn voor "De kunst van het beminnen") is geschreven door Publius Ovidius Naso en is de oudste systematische handleiding tot verleiden. Het is een leerdicht in drie boeken en bevat in totaal 2330 versregels. De eerste twee boeken dateren van circa 1 v.Chr. en het derde van circa 1 n.Chr. Mannen wordt in boek 1 (772 verzen) en 2 (746 verzen) de kunst van het versieren onderwezen en vrouwen in boek 3 (812 verzen). Ovidius gebruikt een zeer open en luchtige stijl, naar het ironische toe. Het werk past in een periode waarin hij vaak werken schreef gebaseerd op liefde en verleiding, zoals Medicamina Faciei Femineae (u201cSchoonheidsmiddelen voor het vrouwelijke gelaatu201d), Remedia Amoris (u201cRemedies tegen de liefdeu201d), Amores (u201cMinnedichtenu201d) en Heroides of Epistulae Heroidum (u201cHeldinnenbrievenu201d). Volgens Ovidius moet een man eerst een doelwit uitzoeken om te beminnen.
Bestel dit boek bij bol.com
alle citaten van Ovidius
Citaten 1 t/m 25 van 33.
-
Begin niet, of zet door.
Origineel:Aut numquam tentes, aut perfice.
Ars amatoria― Ovidius -
Werkt, zo lang kracht en leeftijd het toelaten: spoedig genoeg zal met zwijgende tred de kromme ouderdom komen.
Origineel:Dum vires annique sinnt, tolerate labores: lam venlet tacito curve senecta pede.
Ars amatoria― Ovidius -
Bedrieg de bedriegers.
Origineel:Fallite fallentes.
Ars amatoria 1, 645― Ovidius -
Om bemind te worden moet men beminnelijk zijn.
Origineel:Ut ameris, amabilis esto.
Ars amatoria― Ovidius -
Het begin der liefde is zoet, het einde bitter.
Ars amatoria 1, 58― Ovidius -
Laat anderen het verleden maar prijzen; ik ben blij dat ik nu pas geboren ben.
Origineel:Prisca iuvent alios: ego me nunc denique natum gratulor.
Ars amatoria― Ovidius -
Inderdaad, wij beleven thans het gouden tijdperk. Eer is voor goud te koop, liefde wordt door goud verworven.
Ars amatoria 2,277― Ovidius -
Veel zwaarder schijnt de straf die wordt opgelegd door een zachtmoedig man.
Origineel:Gravior multo poena videtur, quae a miti viro constituitur.
Ars amatoria― Ovidius -
Alleen ongelukkig verliefden beminnen waarlijk.
Origineel:En ego confiteor, non nisi laesus amo.
Ars amatoria 3, 598― Ovidius -
Geen wet is rechtvaardiger, dan dat moordenaars met hun eigen middelen uit de weg worden geruimd.
Ars amatoria I, 655― Ovidius -
In het geluk springen wij vaak uit de band; het is niet gemakkelijk in het geluk zijn bezinning te bewaren.
Ars amatoria 2, 437― Ovidius -
Het meest welkom zijn die geschenken die hun waarde ontlenen aan de persoon van de gever.
Origineel:Acceptissima semper munera sunt, auctor quae pretiosa facit
Ars amatoria― Ovidius -
Het verworvene te behouden is geen kleinere verdienste dan het verwerven zelf. Het laatste is min of moer toevallig, tot het eerste behoort bekwaamheid.
Origineel:Nec minor est virtus quam quaerere, para tueri; casus inest illic, hie erit artis opus.
Ars amatoria― Ovidius -
Vrede past mensen, strijd wilde beesten.
Ars amatoria 3, 502― Ovidius -
Wat u hindert, wen er aan, en het zal u niet langer hinderen.
Ars amatoria 2, 647― Ovidius -
Zodra je de gevoeligste plaats hebt ontdekt, laat je hand dan niet weerhouden door een dwaas schaamtegevoel.
Ars amatoria― Ovidius -
Laat anderen de goede oude tijd vereren; ik prijs mij gelukkig dat ik in deze tijd leef, die zo goed past bij mijn aard.
Ars amatoria 3, 121― Ovidius -
Onbekend maakt onbemind.
Origineel:Ignoti nulla cupido.
Ars amatoria 3, 397― Ovidius -
Pas op dat gij de schuld van enkelen niet op allen werpt.
Ars amatoria 3, 9― Ovidius -
Zij komen om te zien en om gezien te worden.
Ars amatoria I, 99― Ovidius -
Als hij maar rijk is, behaagt zelfs een barbaar.
Ars amatoria 2, 276― Ovidius -
Deugd is niets waard, als ze niet moeilijk is.
Origineel:Sed nulla nisi ardua virtus.
Ars amatoria― Ovidius -
Door kleinigheden wint men luchthartige gemoederen.
Ars amatoria 1, 159― Ovidius -
Geen vrouw, al is ze nog zo lelijk, vindt zichzelf lelijk.
Ars amatoria 1, 614― Ovidius -
Om zijn verlies goed te maken, gaat de speler steeds door met verliezen.
Ars amatoria 1, 451― Ovidius




















Horatius
Vergilius
Juvenalis
Lucretius
Sextus Propertius
Catullus
Persius
Marcus Manilius