Théophile Gautier
Frans dichter, toneelschrijver en criticus
Leefde van: 1811 - 1872
Categorie: Media | Schrijvers (Hedendaags) Land:
Frankrijk
Geboren: 30 augustus 1811 Gestorven: 23 oktober 1872
Over Théophile Gautier
Théophile Gautier (Tarbes, 31 augustus 1811 – Neuilly-sur-Seine, 23 oktober 1872) was een Frans schrijver.
Hij begon als romantisch schrijver en was een actief militant, maar keerde zich later af van de beweging omdat hij het niet eens was met de excessen waartoe de Romantiek had geleid. Gautier ontwikkelde zich vervolgens als theoreticus van de Parnassebeweging en verdedigde de "L'art pour l'art"-doctrine.
Hij schreef zowel proza als poëzie, maar is nu het best bekend door zijn gedichten. In 1835 verscheen Gautiers roman Mademoiselle de Maupin, dat een schandaal veroorzaakte, onder andere door een vrij provocerend voorwoord, waarin Gautier verklaarde dat alles was toegestaan, zolang de kunst maar gediend was. Men kan in dit voorwoord een begin van de l’art-pour-l’art-doctrine ontwaren. Niet veel later startte Gautier een journalistieke loopbaan, onder andere ook om financiële redenen.
Naast zijn journalistieke werk bleef Gautier ook verder werken aan zijn poëzie. In 1852 verscheen de eerste versie van Gautiers dichtbundel Emaux et Camées, die tot aan zijn dood zou worden aangevuld met nieuwe gedichten. Dit werk was van groot belang, omdat het Gautiers esthetische ideeën en zijn zoektocht naar perfectie illustreerden. Het was het resultaat van Gautiers experimenten met wat de gebroeders Goncourt zijn "écriture artiste" noemden. Het werk kan worden beschouwd als een van de basiswerken van de l’art pour l’art-doctrine en de Parnassebeweging.
Gautier schreef ook verschillende fantastische verhalen. Andere domeinen waarin Gautier schreef, waren het theater, het ballet (zoals de libretto’s voor Gisèle (1841) en L’Anneau de Sacountâla (1858), kritieken (kunst- en toneelkritiek), reisverhalen en essays.
Bron Wikipedia
Boeken van Théophile Gautier
Citaten 1 t/m 10 van 27.
-
Het toeval is misschien het pseudoniem van God, als hij zijn naam ergens niet onder wil zetten.
― Théophile Gautier -
Slaap is de zoon van de nacht en de broer van de dood.
― Théophile Gautier -
Stralende woorden, woorden van licht, met ritme en muziek, dat is wat poëzie is.
― Théophile Gautier -
Als er geen liefde meer is, wordt het door vriendschap vervangen; wanneer de vriendschap er niet meer is, neemt de gewoonte zijn plaats in.
― Théophile Gautier -
Als je zijn genegenheid waard bent, zal een kat je vriend worden, maar nooit je slaaf.
― Théophile Gautier -
Het hebben van vijanden en afgunstigen is een geluk dat niet aan iedereen is gegeven.
― Théophile Gautier -
Men mag zeggen wat men wil: een dichter is een arbeider.
― Théophile Gautier -
Voor mij is het plezier van reizen het gaan, niet het aankomen.
― Théophile Gautier -
De criticus die zelf niets gemaakt heeft, is een lafaard.
― Théophile Gautier -
De grootste harten, helaas! krijgen de grootste straffen.
― Théophile Gautier
Trefwoorden in deze citaten:
Vergelijkbare auteurs
-
Jean Antoine Petit-Senn
Frans dichter 100 -
Paul Valéry
Frans dichter 66 -
Charles Baudelaire
Frans dichter 44 -
Robert Sabatier
Frans dichter en schrijver 42 -
Nicolas Boileau
Frans dichter 41 -
Pierre Reverdy
Frans dichter 34 -
Alphonse De Lamartine
Frans dichter, staatsman en geschiedkundige 34 -
Paul Claudel
Frans dichter 29








Jean Antoine Petit-Senn
Paul Valéry
Charles Baudelaire
Robert Sabatier
Nicolas Boileau
Pierre Reverdy
Alphonse De Lamartine
Paul Claudel